
Dostoyevsky, F.; Coulson, J. S.; Hingley, R., Memoirs from the house of the dead. Oxford University Press: Oxford, 2001; p xxiii, 366 p.
ter voorbereiding van de TransSiberische Express in 2017

Dostoyevsky, F.; Coulson, J. S.; Hingley, R., Memoirs from the house of the dead. Oxford University Press: Oxford, 2001; p xxiii, 366 p.


Non-Fictie:
Film:
Kleine brekening
En...









"Het boek bestaat uit twee delen. Het eerste deel is een uitgebreide monoloog van de verteller. Het bestaat uit puur geredeneer. Het tweede deel geeft enkele episoden weer uit het leven van de hoofdpersoon, onder meer een gebeurtenis die twintig jaar eerder van grote invloed is geweest op het leven (en vooral denken) van de verteller.
De verteller, de 'man uit het ondergrondse', doet niets, hij denkt alleen en schrijft op : 'doe-mensen zijn stom'. Hij keert zich tegen elke vorm van no-nonsense, tegen alles wat vanzelfsprekend is, zoals bijvoorbeeld de wiskundige bewering 'twee keer twee is vier'. Hij is bovendien verslaafd aan het eindeloos analyseren van zichzelf. Hij erkent dat hij ziek is, maar beschouwt zich tegelijk als een typisch 19e-eeuwse mens die, met al zijn tegenstrijdigheden en paradoxen, vollediger wil zijn dan de primaire, natuurlijke en echte mens.
De 'ondergrondse mens' komt in opstand tegen die 'primaire mens', enerzijds omdat hij zich verheven voelt en anderzijds omdat hij jaloers is op de 'primaire mens' die genoegen neemt met de schijnbare vanzelfsprekendheid van (natuur) wetten. Hij, de ondergrondse mens, is nooit tevreden : onder elke steen ligt een andere, dieper liggende oorzaak of een lijk te rotten, een nieuwe peilloze afgrond.
Om zijn ondergrondse gedachten uit het eerste deel te illustreren haalt de verteller in het tweede deel ("Naar aanleiding van natte sneeuw") enkele voorbeelden uit zijn eigen leven aan. De episodes spelen zich af in een onwezenlijk en triest St. Petersburg in een groezelige sfeer van natte sneeuw en vrieskou. Ze spelen zich af in een kroeg met dronken officieren waar hij zijn gelijkwaardigheid wil bewijzen, op het afscheidsdiner van zijn oude klasgenoot Zverkov, en in een bordeel waar hij kennis maakt met Liza, die hij later tot zijn schaamte afwijst waarop hij zich voor altijd terugtrekt in zijn ondergrondse hol."
Als tussendoortje.













De film is even onheilspellend als de foto doet vermoeden.


"At last, the complete version of Andrei Tarkovski's 1966 masterpiece about the great 15th century Russian icon painter (a film suppressed by the Soviet Union and unseen until 1971) is available. It's a complex and demanding narrative about the responsibility of the artist to participate in history rather than documenting it from a safe distance. A landmark in Russian cinema, Andrei Rublev is a beautifully lyrical black-and-white film about harmony and soulful expression. As the late filmmaker says in a supplementary interview, each generation must experience life for itself; it cannot simply absorb what has preceded it. " (Desowitz , Bill. "Andrei Rublev." Amazon. Amazon. 18 Apr 2007
http://www.imdb.com/title/tt0060107/
http://www.youtube.com/watch?v=w-apnv0ETPg
Vergeet Citizen Kane. Dit was de beste, belangrijkste en moedigste film van de 20ste eeuw.
"Ilya Ilyich Oblomov is a member of Russia's dying aristocracy a man so lazy that he has given up his job in the Civil Service, neglected his books, insulted his friends and found himself in debt. Too apathetic to do anything about his problems, he lives in a grubby, crumbling apartment, waited on by Zakhar, his equally idle servant. "("Oblomov." Amazon.com. Amazon. 18 Apr 2007
"Musicoloog Solomon Volkov schildert in Sjostakovitsj en Stalin een aangrijpend beeld van het duel tussen de communistische tsaar Josif Stalin en de componist Dmitri Sjostakovitsj, die in de jaren twintig als wonderkind van de avant-garde op het toneel verscheen en tegenwoordig meer dan ooit in de belangstelling staat. Terwijl vooraanstaande kunstenaars als Michail Boelgakov, Boris Pasternak en Osip Mandelsjtam zwaar te lijden hadden onder het communistische bewind wist Sjostakovitsj zich, ondanks de banvloek die in 1936 en 1948 over zijn werk werd uitgesproken, staande te houden in het stalinistische landschap. Volkov plaatst Sjostakovitsj' kunstenaarsrol in het verlengde van het oer-Russische concept van de 'joerodivy', de heilige nar die de tsaar met gevaarlijke maar noodzakelijke waarheden durft te confronteren. Sjostakovitsj en Stalin leest als een intiem portret van het politieke en culturele klimaat in het Rusland van de jaren dertig en veertig."

